Individuele rondreis Turkije

Turkije, of voluit de Republiek Turkije, is een land dat voor het grootste deel in Azië ligt, op het schiereiland Anatolië, tussen de Middellandse Zee en de Zwarte Zee. Een klein deel rond de grootste stad Istanbul, ligt in Europa. Het Aziatische en het Europese deel worden gescheiden door de Dardanellen, de Zee van Marmara en de Bosporus, die gezamenlijk de Middellandse Zee met de Zwarte Zee verbinden. Turkije grenst in het westen aan Griekenland en Bulgarije, en in het oosten aan Georgië, Armenië, Azerbeidzjan, Iran, Irak en Syrië. De officiële taal van Turkije is het Turks, dat net zoals het Mongools tot de Oeral-Altaïsche taalgroep behoort. In de toeristische gebieden kun je je ook prima redden met West-Europese talen als Engels of Duits, maar dit geldt eveneens voor de binnenlanden waar veel Turken vanwege hun verleden als gastarbeider in West-Europa Duits en zelfs Nederlands spreken.
Advertenties van onze partners
Het hoogland van Anatolië is het belangrijkste landschap van Turkije. Het bestaat uit een ca. 2000-2500 m hoge, boomloze, deels woestijnachtige hoogvlakte, in het noorden en in het zuiden door hoge randgebergten omgeven, allebei met een groot aantal toppen van 3000 m en meer. Naar de Egeïsche zijde lost het hoogland zich op in een aantal kleinere gebergten. Op het hoogland bevindt zich een gebied zonder afvloeiing, dat ongeveer eenderde van het gehele hoogland in beslag neemt. Het bestaat voor een groot deel uit zoutsteppen, afgewisseld met zoutmoerassen en zoutpannen. Turkije bezit weinig rivieren, die bovendien vrijwel niet geschikt zijn voor de scheepvaart. Globaal gezien stromen de rivieren naar alle zijden van het Anatolisch plateau af en doorbreken op weg naar zee de randgebergten. Zij hebben een groot verval (tot 11%) en ontwikkelen daardoor een sterke erosiewerking; aan de monding vormen zij dikwijls deltalandschappen uit het meegevoerde materiaal. De grootste geheel op Turks gebied stromende rivier is de Kizil Irmak (= Rode Rivier). De Turkse meren liggen grotendeels in de beide afvoerloze gebieden en hebben deels zout, deels brak, op plaatsen met ondergrondse waterafvoer voor een deel zelfs zoet water.


